Op de gemeenteraad van 30 november 2021 werd de rooilijn voor de verplaatsing van een deel van de gemeenteweg sentier 183, gelegen tussen Lindaal en de gemeentegrens met Huldenberg, voorlopig vastgesteld. In voornoemde gemeenteraadsbeslissing van het dossier werd de bepaling van het nieuwe tracé van deze voetweg afgetoetst aan de artikels 3 en 4 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Als gemeente stellen we een feitelijk gelopen tracé vast, tussen de gemeentegrens met Huldenberg (einde losweg) en Lindaal te Overijse, dat overlast geeft aan de omwonenden. Het voorliggende tracé betreft een lichte aanpassing van het feitelijk gelopen tracé, dat op zich reeds verschilt van het officiële tracé van voetweg sentier 183 in de Altas der Buurtwegen.
Voorafgaand aan de beslissing van gemeenteraad voor de voorlopige vaststelling van het 'ontwerp rooilijnplan' werd gestreefd naar een onderhandelde oplossing. De eigenaars van de belaste percelen (waar de verplaatsing beoogd wordt) zijn akkoord. De aanpalende buur werd in dit dossier ook gehoord. Er werd een afstapping gedaan in aanwezigheid van de eigenaar van een belast perceel (waar een discussie bestond over de locatie van het tracé) en de (vertegenwoordiger van) eigenaar van het aanpalende perceel (hierboven benoemd als buur), van een vertegenwoordiger van de gemeente Huldenberg en van een vertegenwoordiger van de gemeente Overijse. Daarmee wordt eveneens aangegeven dat er voorafgaand aan de gemeenteraadsbeslissing een inspraakmogelijkheid voor de aanpalende bewoners is geweest.
Tijdens het openbaar onderzoek dat, in overeenstemming met artikel 17 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, plaatsvond van 17 december 2021 tot en met 17 januari 2022 werd 1 bezwaar ontvangen.
Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 1 februari 2022 kennis genomen van het PV van sluiting van het openbaar onderzoek voor de gemeenteweg sentier 183.
Samenvatting van bezwaar - er wordt melding gemaakt van:
Tijdens een eerder gehouden openbaar onderzoek van 1 tot en met 30 september 2021, werden 2 bezwaarschriften ontvangen.
Eén bezwaarschrift was van de hoger vermelde bezwaarindiener (bovenstaande samenvatting, van ontvangen bezwaarschrift van 14 januari 2022, is nu een uitbreiding van het bezwaarschrift ontvangen op 28 september 2021). Het tweede ontvangen bezwaarschrift, van 29 september 2021, bevatte inhoudelijk een aantal punten die allemaal vernoemd worden in bovenstaande samenvatting. Beide eerder ontvangen bezwaarschriften (van het openbaar onderzoek 1 tot en met 30 september 2021) zitten daarmee vervat in het bezwaarschrift dat werd ingediend in het openbaar onderzoek van 17 december 2021 tot en met 17 januari 2022. Daarmee worden deze ook impliciet mee opgenomen en behandeld in de motivering.
De gedeeltelijke verplaatsing (en openstelling) van de voetweg kadert in de beleidsvisie van de gemeente Overijse, meer bepaald in het gevoerde beleid met betrekking tot trage wegen zoals bepaald in het beleidsplan van 12 april 2010. Het is tevens een voorafname van het nieuwe beleidsplan, dat in opmaak is. Het kadert daarnaast eveneens in het algemene belang, in het bijzonder van de (grensoverschrijdende) mobiliteit doorheen de gemeente(n) van de Druivenstreek.
Gezien de voetweg grensoverschrijdend is, wordt dit in samenwerking gedaan met de gemeente Huldenberg.
Het garandeert het voortbestaan van het gemeentewegen-netwerk zoals beschreven in de Atlas der Buurtwegen. Het is daarbij een verbetering (en regularisering) van het samenhangend en fijnmazig netwerk in de gemeente en bij uitbreiding de Druivenstreek, het Dijleland en de groene gordel. Het zorgt voor continuïteit voor de wandelaar en geeft daarbij een lokale verbetering van het wandelnetwerk (bijkomende lus). Het houdt rekening met het behoud van het (bestaande) ecologisch evenwicht in de bosrand (op grondgebied van beide gemeenten, waar heden het officiële tracé overgroeid is). Het zorgt eveneens voor een veilige voetgangersverbinding parallel aan de Kaalheide (zonder voetgangersvoorziening).
De verkeersveiligheid en de ontsluiting van aangrenzende percelen worden niet beïnvloed door de gedeeltelijke verplaatsing.
Bij de verplaatsing van dit deel van de voetweg 183 wordt rekening gehouden met de actuele functie van de gemeenteweg, zonder daarbij de behoeften van de toekomstige generaties in het gedrang te brengen. Daarbij worden de ruimtelijke behoeften van de verschillende maatschappelijke activiteiten (waaronder wandelaars/fietsers versus bewoning) gelijktijdig tegen elkaar afgewogen.
Met de gedeeltelijke verplaatsing van het tracé wordt er verder getracht om een antwoord te bieden tussen het algemene belang en de ervaren overlast van ongewenste doorgang op private delen op een onbelast perceel.
Weerlegging bezwaar:
Geen.
Artikel 1
De gemeenteraad neemt kennis van de bezwaarschriften en gaat akkoord met de hierboven vermelde weerleggingen.
Artikel 2
De gemeenteraad stelt het voorliggende rooilijnplan als bijlage toegevoegd, definitief vast.
Artikel 3
De gemeenteraad gaat akkoord om de gemeenteweg sentier 183, zoals beschreven in de Atlas der Buurtwegen, (gedeeltelijk) te verplaatsen zoals aangeduid op het definitief vastgestelde rooilijnplan als bijlage.
Artikel 4
De gemeenteraad gaat akkoord met de voorgestelde neutralisatie van meer-/minwaarde zoals bepaald door de heer Roland VP Erkens, landmeter-expert, namens Roland VP Erkens, beëdigd voor de Rechtbank van Eerste Aanleg te Leuven, met kantoor gevestigd te 3040 Huldenberg, Gemeenteplein 22.
Artikel 5
Het college van burgemeester en schepenen wordt gelast met de uitvoering van dit besluit overeenkomstig artikelen 18 en 19 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en behoudens administratief beroep, met de realisatie van het aangepaste tracé van de gemeenteweg, overeenkomstig de artikelen 26, 27, 28 en 29 van het aangehaalde decreet.
Artikel 6
Deze beslissing wordt bekend gemaakt overeenkomstig artikel 18 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het rooilijnplan wordt samen met de beslissing van de gemeenteraad tot definitieve vaststelling van het gemeentelijk rooilijnplan bezorgd aan het departement Mobiliteit en Openbare Werken en aan de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant.
Artikel 7
Tegen deze beslissing kan binnen een termijn van 30 dagen een opschortend administratief beroep worden ingesteld bij de Vlaamse Overheid, overeenkomstig artikelen 24 en 25 van het Decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.