Het lokaal bestuur Overijse heeft als doelstelling iedere legislatuur haar reglementen te evalueren en waar nodig te herzien.
Naar aanleiding van de bestuurswissel eind 2024 is een nieuw evaluatiemoment aan de orde.
De gemeenteraadscommissie Grondgebiedzaken en Mobiliteit heeft in haar zitting van 16 september 2025 geadviseerd om het belastingreglement te verlengen zonder inhoudelijke wijziging.
Deze belasting bereikt het beoogde doel. Er zijn voorlopig geen inhoudelijke bijsturingen vereist. In 2026 wordt een algemene herziening van de reglementen voor de dienst Omgeving ingepland.
De verlenging van het belastingreglement voor de aanvraag van omgevingsvergunningen is aangewezen omdat de te volgen procedures, de organisatie van openbare onderzoeken en het aanleveren van notariële inlichtingen belangrijke kosten met zich meebrengt voor de gemeente.
De gemeente Overijse dient over de nodige financiële middelen te beschikken om de haar opgelegde taken naar behoren te kunnen vervullen.
De opbrengsten van deze belasting worden begroot onder: beleidsdomein: GGZ - Grondgebiedzaken
Enig artikel
De gemeenteraad keurt volgend belastingreglement 2026-2031 op de aanvraag van omgevingsvergunningen goed:
Artikel 1 - Belastbaar feit
Voor de aanslagjaren 2026 tot en met 2031 wordt een gemeentebelasting gevestigd op de volledige en ontvankelijk verklaarde aanvraag van een omgevingsvergunning of een melding.
De belasting is ook verschuldigd als de aanvraag geweigerd of ingetrokken wordt.
Artikel 2 - Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door diegene die de aanvraag heeft ingediend.
Artikel 3 - Tarief
De bedragen van de belasting worden als volgt bepaald:
- klasse 1: 750,00 euro;
- klasse 2: 250,00 euro;
- klasse 1: 750,00 euro;
- klasse 2: 250,00 euro;
- klasse 1: 750,00 euro;
- klasse 2: 250,00 euro;
Artikel 4 - Vrijstellingen
Er is een vrijstelling van belasting voorzien voor aanvragen ingediend door:
Artikel 5 - Wijze van inning
De belasting dient bij het indienen van de aanvraag of melding contant te worden betaald. Bij gebrek van contante betaling, wordt de belasting ingekohierd.
Artikel 6 - Bezwaarprocedure
De belastingplichtige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen.
Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend, is gemotiveerd en ondertekend. De indiening kan gebeuren door verzending of door overhandiging.
De indiening moet gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of binnen een termijn van 3 maanden vanaf de kennisgeving van de aanslag (eBox) of vanaf de datum van de contante inning. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven binnen de vijftien dagen na de indiening ervan.
Artikel 7 - Verwijzing naar het W.I.B. (Wetboek van Inkomstenbelastingen)
De vestiging en de invordering van de belasting, alsook de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Artikel 8 - Bestuurlijk toezicht
De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking van dit reglement overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Artikel 9 - Inwerkingtreding
Dit reglement treedt in werking op 1 januari 2026. Het belastingreglement 2023-2025 op de aanvraag van omgevingsvergunningen, goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad van 5 september 2023, wordt met ingang van 1 januari 2026 vervangen door dit besluit en opgeheven op 1 juli 2026.