De gemeenteraad vergadert ingevolge een regelmatige bijeenroeping door de voorzitter volgens de regels van het Decreet Lokaal Bestuur.
De voorzitter opent de zitting aansluitend op de zitting van de raad voor maatschappelijk welzijn.
De voorzitter opent de zitting op 21/03/2023 om 20:05.
De beslissingen van de vergadering van de gemeenteraad van 28 februari 2023 werden genotuleerd.
De notulen van de vergadering van de gemeenteraad van 28 februari 2023 omvatten de beslissingen van de gemeenteraad van 28 februari 2023 en moeten ter goedkeuring worden voorgelegd op de eerstvolgende gewone vergadering van de gemeenteraad, zijnde de vergadering van 21 maart 2023.
Geen.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de notulen van de vergadering van de gemeenteraad van 28 februari 2023 met eenparigheid van stemmen goed.
Op 4 januari 2023 werd bij de gemeente Overijse een aanvraag ingediend voor het creëren van een bebouwbaar lot met betrekking tot een perceel gelegen in de Sint-Annastraat tussen de huisnummers 21 en 25, kadastraal gekend als (afdeling 4) sectie D 108 X5.
Landmeter-expert Erika Van Orshoven stelde hiervoor op 15 december 2022 een verkavelingsontwerp op.
Op het ontwerp werd de voorziene rooilijn in de Sint-Annastraat getekend op 5,00 meter uit de as van de straat.
Voorafgaandelijk aan de eventuele aflevering van een omgevingsvergunning door het college van burgemeester en schepenen met betrekking tot het creëren van een bebouwbaar lot, dient de gemeenteraad zich uit te spreken over de overname in het openbaar domein van de strook gelegen voor de voorziene rooilijn. Deze strook dient kosteloos afgestaan te worden door de eigenaar, om zodoende het wegenistracé van de Sint-Annastraat te wijzigen en de rooilijn voor deze straat vast te leggen op 5,00 meter uit de as van de weg ter hoogte van het perceel (afdeling 4) sectie D 108 X5.
Geen.
Artikel 1
De gemeenteraad verklaart zich akkoord om over te gaan tot de kosteloze overname van een perceel met een oppervlakte van ongeveer zesenvijftig centiare (+/- 56ca) gelegen langs de Sint-Annastraat zoals aangeduid in gele kleur met lot 3 op het verkavelingsontwerp opgemaakt door landmeter-expert Erika Van Orshoven op 15 december 2022 en te nemen uit het onroerend goed gelegen Sint-Annastraat tussen huisnummer 21 en 25, kadastraal gekend als afdeling 4, sectie D 108 X5.
Artikel 2
De eigenaar van het perceel gelegen voor de rooilijn (=afstanddoener) moet hiervan een proces-verbaal van opmeting laten opmaken door een landmeter-expert en het grondplan moet opgenomen worden in de databank van de plannen van afbakening van de algemene administratie van de patrimoniumdocumentatie.
Artikel 3
De afstanddoener moet een ontwerpakte met betrekking tot de gratis grondafstand laten opmaken bij een notaris naar keuze. De akte dient verleden te worden binnen het jaar na het bekomen van de omgevingsvergunning voor het creëren van een bebouwbaar lot bij een notaris in Overijse of in het administratief centrum De Vuurmolen. Het deel dat afgestaan wordt aan de gemeente moet vrij zijn van constructies en beplanting.
Artikel 4
Alle kosten met betrekking tot de gratis grondafstand zijn ten laste van de afstanddoener.
Artikel 5
De overname gebeurt met de bedoeling de voormelde grond toe te voegen aan het gemeentelijk openbaar domein om reden van openbaar nut, zijnde de verbreding van het wegenistracé van de Sint-Annastraat en de vastlegging van de rooilijn op 5,00m uit de as van de weg ter hoogte van het perceel kadastraal gekend als afdeling 4, sectie D 108 X5.
Artikel 6
Het college van burgemeester en schepenen, vertegenwoordigd door burgemeester Inge Lenseclaes en algemeen directeur Dieter Vanderhaeghe, wordt gemachtigd om alle administratieve handelingen te stellen in het kader van de uitvoering van deze akte.
Artikel 7
Het college van burgemeester en schepenen, vertegenwoordigd door burgemeester Inge Lenseclaes en algemeen directeur Dieter Vanderhaeghe, wordt gemachtigd de authentieke akte te ondertekenen.
Het college van burgemeester en schepenen heeft in zitting van 6 augustus 2021 een principiële goedkeuring gegeven voor de verwerving van een deel van het kadastraal perceel met pand, gekend als afdeling 2, sectie H nummer 401K, met als adres Lanestraat 106, 3090 Overijse (ook gekend als 'Oud St-Elooi') voor de prijs van 750.000,00 euro. Het college van burgemeester en schepenen stelde daarbij de volgende opschortende voorwaarden:
Op 17 augustus 2021 heeft het college van burgemeester en schepenen bij haar principiële goedkeuring aan het verkavelingsvoorstel nog bijkomende voorwaarden gesteld aan de omgevingsvergunning. Op 5 juli 2022 werd de omgevingsvergunning voor het creëren van een bebouwbaar lot afgegeven.
De geassocieerde notarissen De Cock & Goret werden aangesteld om de gemeente bij te staan bij de opmaak van de verkoopovereenkomst opgesteld door notarissen Verhaegen en Busschaert. In de overeenkomst zijn de volgende partijen betrokken:
In de verkoopovereenkomst zijn de volgende afspraken vastgelegd:
Bij verwerving van een onroerend goed door het lokaal bestuur is de schattingsprijs de maximumprijs die betaald mag worden. Het schattingsverslag resulteerde in een waardebepaling van 618.000,00 euro gebaseerd op:
Het schattingsverslag houdt echter geen rekening met de meerwaarde die bestaat in de mogelijkheid tot realisatie van beleidsdoelstellingen in het kader van de bestaande beleidsplannen, in dit geval het Gemeentelijk Ruimtelijk Structuurplan Overijse (GRS) en het ontwerp van ruimtelijke beleidsplan provincie Vlaams-Brabant. Zo voorziet het GRS Overijse dat in Tombeek aan kernversterking kan worden gedaan waarbij de identiteit en herkenbaarheid van de kern moet vergroten. De verwerving van het goed werd in de principiële goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen van 6 augustus 2021 gemotiveerd vanuit het volgende voornemen: 'Als gemeentebestuur Overijse willen we werk maken van dorpskernversterking…' Dit vertaalt zich concreet in:
Vanuit bovengenoemde doelstellingen kan het besluit van de gemeente Overijse om af te wijken van de schattingswaarde uit het expertiseverslag voor de aankoop van het goed gemotiveerd worden.
De gemeenteraad beschikt over de bevoegdheid om daden van beschikking met betrekking tot onroerende goederen te stellen. De aankoop van het goed betreft een verwerving voor openbaar nut.
De verwerving van het goed is een investeringsuitgave van 750.000,00 euro. Het budget is voorzien in MJP002234.
De notariskosten voor de verwerving van het goed zijn exploitatiekosten en worden geraamd op 3.479,04 euro. Het budget daarvoor is voorzien in MJP001924.
Artikel 1
De gemeenteraad geeft haar goedkeuring aan bijgaande ontwerpovereenkomst voor de verwerving van een perceel met handelshuis gelegen aan de Lanestraat 106, te 3090 Overijse voor de prijs van 750.000,00 euro.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd alle verdere nodige stappen te zetten, met inbegrip van alle administratieve activiteiten en formaliteiten rond de aankoop. Het college van burgemeester en schepenen kan eveneens wijzigingen aanbrengen in de akte in de mate dat er geen substantiële wijzigingen worden aangebracht.
Artikel 3
De burgemeester Inge Lenseclaes en de algemeen directeur Dieter Vanderhaeghe worden gemachtigd om de authentieke akte betreffende de aankoop te ondertekenen.
Op 14 december 1995 heeft het gemeentebestuur van Overijse een erfpachtrecht verleend aan het OCMW van Overijse voor het gebouw genaamd 'Oud-Schoolhuis', gelegen te 3090 Overijse aan de Hoeilaartsesteenweg 56. Het erfpachtrecht werd gevestigd voor de duur van 27 jaar. In de bijakte van 12 maart 2019 werd de duur nog eens verlengd met 27 jaar om een einde te nemen op 14 december 2049.
De erfpachtovereenkomst werd gekaderd in het 'algemeen nut' en was noodzakelijk voor de verwezenlijking van de doelstellingen van het project lokaal opvanginitiatief (LOI) voor erkende gehervestigde vluchtelingen conform de modaliteiten van het federaal agentschap opvang asielzoekers (Fedasil).
Op 26 oktober 2021 heeft het vast bureau besloten om een uitdoofscenario toe te passen door het niet langer meer organiseren van materiële hulp binnen het LOI voor nieuwe toewijzingen aan asielzoekers. Inmiddels zijn de activiteiten van het LOI aan de Hoeilaartsesteenweg 56 volledig stopgezet.
Aangezien het kader waarbinnen de erfpacht werd verleend is weggevallen, is er geen reden meer tot voortzetting van de erfpachtovereenkomst.
De erfpachter, het OCMW, betaalt jaarlijks een canon van 18.000,00 euro aan het gemeentebestuur. Dit budget wordt geschrapt (MJP001979).
Artikel 1
De gemeenteraad geeft haar goedkeuring aan de ontwerpakte ter beëindiging van het recht van erfpacht op het goed aan de Hoeilaartsesteenweg 56, te 3090 Overijse, genaamd Oud-Schoolhuis.
Artikel 2
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd alle verdere nodige stappen te zetten, met inbegrip van alle administratieve activiteiten en formaliteiten rond de beëindiging van het recht van erfpacht. Het college van burgemeester en schepenen kan eveneens wijzigingen aanbrengen in de akte in de mate dat er geen substantiële wijzigingen worden aangebracht.
Artikel 3
De burgemeester Inge Lenseclaes en de algemeen directeur Dieter Vanderhaeghe worden gemachtigd om de authentieke akte betreffende de beëindiging van het recht van erfpacht te ondertekenen.
Op 1 januari 2018 trad het omgevingsvergunningendecreet in werking. De lokale besturen werken sindsdien in een volledig nieuwe digitale omgeving met nieuwe procedures voor de behandeling van vergunningsdossiers. De digitalisering vergt een ander intern proces om dossiers efficiënt te behandelen.
Administratieve taken moeten voortaan gebeuren door experten om efficiëntie en procesoptimalisatie te realiseren. Dit vraagt een interne verschuiving van taken en verantwoordelijkheden en verhoogt de druk bij de experten.
Gelijktijdig stelt deze nieuwe wetgeving een kortere doorlooptijd vast van de dossiers.
Sinds 24 september 2018 werden de diensten Milieu en Ruimtelijke Ordening samengevoegd tot één omgevingsdienst en werkt de dienst Omgeving reeds samen met Haviland. Deze werking loopt goed en kan de achterstand van de omgevingsdossiers mede tegengaan.
De samenwerking werd verlengd met een samenwerkingsovereenkomst voor de dienstverlenging ruimtelijke ordening tussen Haviland en de gemeente Overijse van 1 oktober 2019 tot en met september 2022.
De detachering vanuit Haviland is cruciaal voor de afwerking van de omgevingsdossiers.
De dienst Omgeving werd onderworpen aan een audit vanuit Vlaanderen tussen oktober 2021 en 2022 waarbij er aanbevelingen vanuit het eindrapport, met betrekking tot het proces van de vergunningen, werden onderzocht en verbeterd. Dit gebeurt in samenwerking met Haviland, die hierin hun expertise kunnen putten uit de verschillende gemeentes en de goede praktijken. Ook de druk door de aangepaste werking omwille van de covid-periode, de steeds aangepaste en aanvullende regelgeving, maakt een verlenging van deze intergemeentelijke samenwerking tussen Haviland en de gemeente Overijse noodzakelijk.
In het lopende traject tot optimalisatie van de omgevingsdossiers, het verder opleiden van het personeel, wordt bekeken hoe er op termijn structurele oplossingen kunnen worden gevonden.
Er werd geen marktbevraging gedaan. De vorm van ondersteuning die in deze materie door Haviland wordt aangeboden kan enkel gevonden worden bij Intercommunales.
In zitting van de gemeenteraad van 28 februari 2023 werd de verlenging van de samenwerkingsovereenkomst met Haviland tot 30 september 2025 goedgekeurd. Echter werd een foute bijlage toegevoegd aan deze beslissing en dient de beslissing ingetrokken en vervangen te worden.
De gemeenteraad dient akkoord te gaan om deze samenwerking te verlengen voor onbepaalde duur met ingang van 1 maart 2023.
De dienst Omgeving heeft nog steeds een acute nood aan bijkomende ondersteuning op het vlak van ruimtelijke ordening door een projectleider (Haviland) die vanuit zijn specifieke competenties en kennis van de materie ruimtelijke ordening binnen de dienst Omgeving aan de slag kan gaan. De ondersteuning dient zich te focussen op de ondersteuning bij het vergunningenbeleid, maar kan ook voor andere taken van dienst worden ingeroepen (cfr. de beschrijving van de taken in de overeenkomst).
De gemeentelijke administratie stelt vast dat het aanbod van Haviland voldoet aan de gestelde vereisten en dat Haviland de meest aangewezen partner is.
Ingevolge artikel 4 van de statuten van Haviland heeft Haviland als doel, onder meer, het verlenen van stedenbouwkundige dienstverlening in de domeinen die behoren tot de gemeentelijke dienstverlening (omgevingsdecreet en ruimtelijke ordening).
Deze dienstverlening kan volgens de statuten van Haviland de vorm aannemen van diensten voor één of meer aangesloten deelnemers van de door Haviland aangeboden dienstverlening. Deze dienstverlening kan uitgevoerd worden op basis van een kosten- en expertise delend principe.
Indien de toekenning van voornoemde opdracht aan Haviland gebeurt bij exclusiviteit, zoals voorzien in de statuten van Haviland, heeft dit onder meer tot voordeel dat er in beginsel, behoudens andersluidend standpunt van de btw-administratie, bij toepassing van het kosten- en expertise delend principe, op de door eigen persoonsleden van Haviland geleverde prestaties geen btw dient te worden doorgerekend aan de gemeente. Op alle overige prestaties en kosten blijft wel btw verschuldigd.
Als vennoot van Haviland als dienstverlenende vereniging heeft de gemeente de mogelijkheid om beroep te doen op de diensten van deze intercommunale, alsook om te werken via het kosten- en expertise delend principe.
Onder toepassing van artikel 30 van de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten kan de gemeente als aanbestedende overheid met Haviland een 'in-house' opdracht aangaan die in beginsel niet is onderworpen aan de overheidsopdrachtenreglementering omdat de toewijzing van dergelijke opdracht kan worden gelijkgesteld met een uitvoering door de gemeente, als aanbestedende overheid, van deze opdracht met haar eigen personeel en middelen.
Gelet op het voorgaande was het aangewezen om een 'samenwerkingsovereenkomst dienstverlening ruimtelijke ordening tussen Haviland en de gemeente Overijse' af te sluiten.
Deze samenwerkingsovereenkomst werd reeds voor de periode van 3 jaar afgesloten, met ingang van 1 oktober 2019 tot en met 30 september 2022.
De opdrachten die aan Haviland werden toegekend vóór het verstrijken van voormelde periode, werden uitgevoerd onder het systeem van exclusieve dienstverlening tot datum van de definitieve oplevering.
Binnen de opdracht werd een 'projectleider' ingezet aan de prijs van 77,00 euro/uur en dit gedurende 2 dagen per week (= 16 uren).
Personeels-, overhead- en werkingskosten vormen de totale kosten die vervat zijn in het uurtarief voor deze medewerker.
Op afroep kon de gemeente eveneens een beroep doen op andere profielen, en dit voor dienstverlening die dit vereist:
Hierbij wenst het gemeentebestuur Overijse de verlenging met 3 jaar verder te zetten.
In de voorgestelde vernieuwde overeenkomst worden volgende tarieven toegepast:
Het toepasbare uurtarief (excl. btw) voor de personeelsleden wordt daarbij door Haviland als volgt bepaald:
Dit uurloon is gekoppeld aan de indexaanpassing van de lonen zoals toepasselijk in de openbare sector.
Op driemaandelijkse basis wordt door Haviland aan de opdrachtgever een detail van de geleverde uurprestaties en een factuur overgemaakt.
Andere kosten:
Voor prestaties welke uitgevoerd worden op een locatie buiten de kantoren van Haviland wordt een forfaitaire verplaatsingskost van 10,00 euro per aaneensluitende prestatie aangerekend.
Daarnaast heeft Haviland te allen tijde recht op de betaling door de opdrachtgever van alle in het kader van deze opdracht gemaakte en geleden kosten en alle eventuele kosten welke zouden ontstaan naar aanleiding van de beëindiging ervan.
Budget hiervoor werd opgenomen in de begroting, MJP001012 – Exploitatiekosten GIS-Coördinatie Ruimtelijke Ordening, de bijkomende personeelskost van de deskundige Omgeving die niet werd ingevuld (68.000,00 euro) wordt bijkomend overgezet naar deze actie.
Voor 2023: 36.330,00 euro + 68.000,00 euro.
Voor de aanrekening van de prestaties verleend in het kader van de wederzijdse exclusiviteit zal worden gewerkt met een open boekhouding.
Betaling gebeurt via een 3 maandelijkse 'standaard' factuur en driemaandelijkse afrekening.
De gepaste budgetten worden voorzien in het meerjarenplan 2020-2025.
Artikel 1
De beslissing van de gemeenteraad van 28 februari 2023 houdende goedkeuring verlenging samenwerkingsovereenkomst 'Dienstverlening ruimtelijke ordening tussen Haviland en de gemeente Overijse' van 1 oktober 2022 tot 30 september 2025, wordt ingetrokken.
Artikel 2
De gemeenteraad keurt de bijgaande 'samenwerkingsovereenkomst dienstverlening, ondersteuning ruimtelijke ordening tussen de gemeente Overijse en Haviland' voor onbepaalde duur met ingang van 1 maart 2023, goed. Deze overeenkomst maakt integraal deel uit van deze beslissing.
Artikel 3
Het college van burgemeester en schepenen wordt gemachtigd om binnen deze samenwerkingsovereenkomst, die een raamovereenkomst is, opdrachten toe te wijzen aan Haviland.
Artikel 4
De burgemeester en de algemeen directeur van de gemeente Overijse worden gemachtigd om de samenwerkingsovereenkomst te ondertekenen.
In zitting van de gemeenteraad van 17 december 2019 werd het tarief van de belasting op bouwen en verbouwen vastgelegd op 0,60 euro/m³.
Dit tarief wordt als volgt aangepast:
• voor de eerste schijf tot en met 550m³: gratis (aanbod bescheiden wonen);
• voor de schijf vanaf 550m³ tot en met 1.000m³: 1,00 euro per kubieke meter;
• vervolgens voor de schijf boven de 1000 m³: 2,00 euro per kubieke meter.
Het tarief van de belasting op bouwen en verbouwen werd al geruime tijd niet meer aangepast of geïndexeerd. De progressieve tariefdifferentiatie op basis van het volume en de nieuwe vrijstelling voor volumes tot 550 m³, bevoordeelt de burger die slechts een eenvoudige eengezinswoning bouwt en legt een grotere belastingdruk op de grote ontwikkelaars. Bovendien worden de meeste duurzaamheidsingrepen hierdoor ontzien van de tariefaanpassing.
De gemeente Overijse dient over de nodige financiële middelen te beschikken om de haar opgelegde taken naar behoren te kunnen vervullen.
De opbrengsten van deze belasting worden begroot onder:
Enig artikel
De gemeenteraad keurt het belastingreglement 2023-2025 op bouwen, verbouwen en herbouwen als volgt goed:
Belastbaar feit
Artikel 1 Met ingang van 1 april 2023 en voor een termijn eindigend op 31 december 2025 wordt een contantbelasting geheven op het bouwen, verbouwen en herbouwen van gebouwen.
Belastingplichtige
Artikel 2 De belasting is verschuldigd door de melder (bij meldingsplichtige handelingen) of de houder van de vergunning (bij vergunningsplichtige handelingen). De eigenaar van het gebouw is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting. Ingeval van onverdeeldheid zijn de onverdeelde eigenaars van het gebouw hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Tarief
Artikel 3 De grondslag is de kubieke inhoud van de gebouwde gedeelten.
De belasting wordt berekend naar rato van het totaal overdekte volume van het gebouw, met inbegrip van de bruikbare ondergrondse gedeelten, doch met uitsluiting van de eigenlijke grondvesten. De gemene muren worden slechts voor de helft van hun dikte in aanmerking genomen.
De belasting wordt als volgt vastgesteld:
• voor de eerste schijf tot en met 550m³: gratis (aanbod bescheiden wonen);
• voor de schijf vanaf 550m³ tot en met 1.000m³: 1,00 euro per kubieke meter;
• vervolgens voor de schijf boven de 1000 m³: 2,00 euro per kubieke meter.
Elk gedeelte van een kubieke meter wordt beschouwd als een gehele kubieke meter. De gebouwen opgericht op de grenslijn van twee gemeenten, worden belast voor het gedeelte dat zich bevindt op het grondgebied van de gemeente.
Vrijstelling
Artikel 4 Zijn vrijgesteld van de belasting:
• het bouwen, verbouwen of herbouwen van glazen constructies bestemd voor de teelt van tuinbouwproducten;
• het bouwen, verbouwen en herbouwen van gebouwen door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de erkende sociale huisvestingsmaatschappijen vermeld in de Vlaamse Wooncode;
• het bouwen, verbouwen of herbouwen van gebouwen met openbaar nut of bestemd voor de openbare diensten van de staat, de gewesten, de provincie, de gemeenten en de andere overheidsinstellingen of een samenwerkingsverband waar ze van deel uitmaken;
• het bouwen, verbouwen en herbouwen van gebouwen die bestemd zijn voor onderwijs en welzijnsinrichtingen zonder winstoogmerk of zonder lucratieve doeleinden;
• de gebouwen die verbouwd of herbouwd worden omdat ze door natuurrampen, brand of oorlogsfeiten vernield of beschadigd werden. Het voordeel van deze beschikkingen geldt enkel als de oorspronkelijke aard van het gebouw geëerbiedigd blijft (woonhuis, fabriek enz.) en slechts voor een inhoud gelijk aan deze van het geteisterd gebouw. Dit voordeel wordt toegekend ongeacht de plaats van heropbouw in de gemeente.
Wijze van inning
Artikel 5 Zodra de belastingplichtige de toelating heeft verkregen tot bouwen of herbouwen, dient hij een bedrag gelijk aan de belasting in consignatie te geven aan de financieel directeur of aan zijn afgevaardigde, onafgezien van de gebeurlijke vrijstellingen voorzien bij dit belastingreglement.
Artikel 6 Wanneer het gebouw onder dak is, moet de belasting contant worden betaald na toezending van de factuur. Bij gebreke van betaling, wordt de belasting ingekohierd en is deze onmiddellijk opeisbaar.
Bezwaarprocedure
Artikel 7 De belastingschuldige kan bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen. Het bezwaarschrift moet schriftelijk worden ingediend en worden gemotiveerd. De indiening kan gebeuren door verzending of door overhandiging. De indiening moet gebeuren binnen een termijn van 3 maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contante inning. Van het bezwaarschrift wordt een ontvangstbewijs afgegeven, binnen vijftien dagen na de indiening ervan.
Verwijzing naar het W.I.B.
Artikel 8 De vestiging en de invordering van de belasting, alsook de regeling van de geschillen ter zake gebeurt volgens de modaliteiten vervat in het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen en latere wijzigingen.
Bestuurlijk toezicht
Artikel 9 De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking van dit reglement overeenkomstig artikel 330 van het Decreet Lokaal Bestuur.
Inwerkingtreding
Artikel 10 Het huidig reglement betreffende de belasting op bouwen, verbouwen en herbouwen, goedgekeurd door de gemeenteraad van 17 december 2019, wordt vanaf 1 april 2023 vervangen door onderhavig reglement.
De Ombudsdienst Inschrijvingen (ODI) wordt opgericht in het kader van een aanmeldingsprocedure die de inschrijvingen laat voorafgaan in het gewoon basisonderwijs in de gemeenten Hoeilaart en Overijse.
Deze ODI staat in voor de eerstelijnsbehandeling van:
Het reglement van orde en de samenstelling van deze ODI werden opgemaakt conform de regelgeving in het decreet basisonderwijs, artikel 37/16 en BVR (Besluit van de Vlaamse Regering) over het inschrijvingsrecht in het basisonderwijs.
Gezien de aanmeldingsprocedure door meerdere schoolbesturen samen georganiseerd wordt, keuren de schoolbesturen samen bij consensus het reglement van orde van de ODI goed.
Het reglement van orde legt ten minste volgende zaken vast:
De gemeenteraad dient voor zijn gemeentelijke basisscholen het reglement van orde met betrekking tot de ODI voor de gemeenten Overijse en Hoeilaart goed te keuren.
Dit reglement is van toepassing voor de inschrijvingen vanaf het schooljaar 2023-2024.
Geen.
Enig artikel
In het kader van een aanmeldingsprocedure voor de inschrijvingen vanaf het schooljaar 2023-2024 in het gewoon basisonderwijs keurt de gemeenteraad voor zijn gemeentelijke basisscholen het reglement van orde met betrekking tot de Ombudsdienst Inschrijvingen (ODI) voor de gemeenten Overijse en Hoeilaart goed, als volgt:
Artikel 1 – Algemene bepalingen
De Ombudsdienst Inschrijvingen (ODI) wordt opgericht in het kader van een aanmeldingsprocedure in het gewoon basisonderwijs in de gemeenten Hoeilaart en Overijse.
Het reglement van orde en de samenstelling van deze ODI werden opgemaakt conform de regelgeving in het decreet basisonderwijs, artikel 37/16 en BVR (Besluit van de Vlaamse Regering) over het inschrijvingsrecht in het basisonderwijs.
Het reglement van orde wordt door alle schoolbesturen met vestigingsplaatsen in Hoeilaart en Overijse goedgekeurd.
Alle effectieve, plaatsvervangende en ondersteunende leden zijn gehouden tot discretie over de aangelegenheden die zij in de uitoefening van hun mandaat vernemen. Zij oefenen hun mandaat op een onpartijdige en onbevooroordeelde wijze uit en behartigen het algemene belang.
Artikel 2 – Samenstelling van de Ombudsdienst
De samenstelling van de ombudsdienst inschrijvingen bestaat uit:
• 1 vertegenwoordiger van een erkende oudervereniging in Hoeilaart;
• 1 vertegenwoordiger van een erkende oudervereniging in Overijse;
• 1 vertegenwoordiger per schoolbestuur;
• 1 medewerker van de Dienst Onderwijs in Hoeilaart;
• 1 medewerker van de Dienst Onderwijs in Overijse;
• 1 medewerker van het Huis van het Kind Druivenstreek.
Deze personen zijn stemgerechtigd. De medewerker van het Huis van het Kind is voorzitter van de ODI. Als bijlage kan de nominatieve lijst geraadpleegd worden.
Artikel 3 – Taken
De ODI staat in voor de eerstelijnsbehandeling van:
§1- De klachten of de vaststellingen over de technische fouten of materiële vergissingen. Hieronder te verstaan: voor of na de definitieve toewijzing, een geval waarbij een technische fout of een zuivere materiële vergissing tijdens het verloop van de aanmeldingsprocedure, afbreuk doet aan de ordening of toewijzing van de leerling in kwestie.
§2- De vragen over de erkenning van de uitzonderlijke situatie van de in te schrijven leerling. Hieronder te verstaan: een geval waarbij de betrokkene voor een specifieke school die aanmeldt een uitzonderlijke situatie inroept die alleen van toepassing is op de leerling in kwestie in die school en waarbij die inschrijving de enige mogelijke is om de toegang tot onderwijs te garanderen voor die leerling.
De ODI staat tevens in voor de evaluatie van de behandelde klachten en vaststellingen met het oog op eventuele bijsturing van de aanmeldingsprocedure.
Artikel 4 – Procedure
§1- Termijn indiening klachten/vragen
De aanmeldingsprocedure loopt af bij de start van de vrije inschrijvingen.
Klachten en vaststellingen die na de termijn van 15 kalenderdagen na de vaststelling van de betwiste feiten ingediend worden, zijn onontvankelijk.
Voor de toepassing van de termijnen worden zaterdagen, zondagen en wettelijke en reglementaire feestdagen, de schoolvakanties en facultatieve vakantiedagen niet meegerekend.
§2- Voorafgaand aan de samenkomst van de ODI
Ouders en/of alle belanghebbenden dienen elektronisch een klacht en/of vraag (artikel 3) in binnen de 15 kalenderdagen (artikel 4) na vaststelling van de betwiste feiten. Dit gebeurt op het mailadres aanmelden@hoeilaart.be of aanmelden@overijse.be Dit adres wordt gecommuniceerd op de website en in de brochure.
De klacht bevat minimaal de identiteit van de verzoekende partij, de identiteit van de leerling in kwestie, een situatieschets (met vernoeming van de school in uitzonderlijke situatie) en de expliciete klacht of vraag gericht aan de leden van de ODI.
De klachten en/of vragen over de erkenning van de uitzonderlijke situatie worden verzameld en voorgelegd aan de vertegenwoordiger in de ODI van het betrokken schoolbestuur. De andere ODI leden worden hierover geïnformeerd.
De indiener wordt geïnformeerd over de datum en het uur waarop de ODI zal samenkomen om de klacht/vraag te behandelen zodat de indiener (of een vertegenwoordiger), indien de leden van de ODI het noodzakelijk vinden, tijdens de zitting kan gehoord worden door de leden. Uitzonderlijk, in geval de ouder elementen wenst toe te voegen, kan hij op het moment van samenkomst digitaal gehoord worden.
De ODI kan alle nodige documenten opvragen bij het schoolbestuur in kwestie.
§3- Rechtsgeldigheid samenkomst ODI
De voorzitter roept de ODI digitaal samen op basis van de verzamelde klachten en/of vragen over de erkenning van de uitzonderlijke situatie van een in te schrijven leerling.
De ODI vergadert rechtsgeldig wanneer minstens de helft +1 van de leden aanwezig is.
Bij het niet bereiken van het aanwezigheidsquotum bepaalt de voorzitter een nieuwe zitting ten laatste binnen de 7 kalenderdagen na de eerste zitting. De tweede zitting vergadert rechtsgeldig ongeacht het aantal aanwezige vertegenwoordigers.
De ODI komt rechtsgeldig samen en formuleert een advies binnen de 20 kalenderdagen na ontvangst van de klacht of vraag.
In functie van de continuïteit zal elk effectief lid zoveel mogelijk aanwezig zijn. Indien dit niet mogelijk is, kan men vertegenwoordigd worden door een plaatsvervanger of een volmacht toekennen aan een ander effectief lid. Elk effectief lid bepaalt zelf wie deze plaatsvervanger wordt en zorgt ervoor dat deze voldoende inhoudelijk op de hoogte is.
Artikel 5 – De mogelijkheid tot wraking
De indiener van de vraag of klacht kan voor de aanvang van de samenkomst van de ODI één of meer leden wraken. Ingeval de reden tot wraking later is ontstaan, kan wraking ook nog worden ingeroepen tijdens de samenkomst. In dat laatste geval wordt de zaak naar de eerstvolgende samenkomst verwezen. Een plaatsvervanger neemt de plaats in van het gewraakte lid. Het lid dat weet dat er een reden tot wraking tegen hem bestaat, moet zich van de zaak onthouden.
Indien zowel de voorzitter als de plaatsvervangende voorzitter worden gewraakt, wijst het oudste effectieve lid een plaatsvervangende voorzitter aan om in die zaak te zetelen. In dit geval wordt de zaak geschorst tot de nieuwe voorzitter is aangewezen.
De redenen van de wraking zijn die vermeld in de artikelen 828 en 829, tweede lid van het Gerechtelijk Wetboek.
Artikel 6 – Besluitvorming en uitspraak
De voorzitter opent de zitting en leidt de gesprekken. Hetgeen de voorzitter met het oog op de handhaving van de orde beveelt, wordt stipt en terstond uitgevoerd.
Ingeval de indiener van de klacht/vraag dit wenst, brengt deze partij eerst zijn uiteenzetting waarna de andere partijen kunnen repliceren.
Op het einde van de samenkomst sluit de voorzitter de gesprekken.
Met het oog op de uitspraak volgt de beraadslaging onmiddellijk na het sluiten van de gesprekken. Dit gebeurt met gesloten deuren.
Adviezen worden bij voorkeur in consensus genomen. Indien er geen consensus is, wordt het advies bij stemming door de meerderheid aangenomen en heeft de voorzitter, indien nodig de doorslaggevende stem.
§1- Adviezen en resultaten bij klachten of de vaststellingen over technische fouten of materiële vergissingen
Als de ODI na een klacht of een vaststelling van een technische fout of een zuiver materiële vergissing voor de definitieve toewijzingen een gunstig advies geeft over de correctie van de fout, kan de leerling door het schoolbestuur of meerdere schoolbesturen, de medewerker van het Huis van het Kind of de medewerker van het lokaal bestuur die het systeem beheert, samen met de correctie van de fout worden opgenomen in het aanmeldingssysteem voor de definitieve toewijzing gebeurt. De ODI kan bepalen door wie de correctie van de fout dient te worden ingegeven en geeft geen nader advies over het resultaat na toewijzing.
Als de ODI na een klacht over een technische fout of een zuiver materiële vergissing na een definitieve toewijzing een gunstig advies geeft over de correctie van de fout, kan de leerling door het betrokken schoolbestuur in overcapaciteit worden ingeschreven conform artikel 37/28 decreet basisonderwijs.
Als de ombudsdienst inschrijvingen een negatief advies geeft over een klacht over een technische fout of een materiële vergissing voor of na de definitieve toewijzingen, hoeft de school niets te wijzigen aan de aanmelding of toewijzing van de leerling in kwestie.
§2- Adviezen en resultaten bij klachten over een erkenning van een uitzonderlijke situatie van een in te schrijven leerling
Als een ouder een vraag voor de erkenning van een uitzonderlijke situatie stelt aan de ombudsdienst inschrijvingen legt de ODI de vraag voor aan het schoolbestuur in kwestie.
Indien het schoolbestuur in kwestie een eventuele inschrijving in overcapaciteit haalbaar acht, legt ze die vraag voor aan de Commissie Leerlingen Rechten (CLR).
De CLR beslist binnen de 30 kalenderdagen over de uitzonderlijke situatie waarbij die inschrijving de enige mogelijke is om de toegang tot onderwijs te garanderen voor die leerling. Alleen als de CLR de uitzonderlijke situatie bevestigt waarbij die inschrijving de enige mogelijke is om de toegang tot onderwijs te garanderen voor die leerling, kan de leerling in overcapaciteit worden ingeschreven conform artikel 37/28.
Artikel 7 – Mededeling van de uitspraak
Het advies van de ODI wordt binnen een termijn van 7 kalenderdagen, na uitspraak van de ODI, elektronisch verstuurd naar het e-mailadres van de indiener (artikel 4). De indiener wordt hierbij ook geïnformeerd over de procedure om een klacht in te dienen bij de CLR.
Beroepsmogelijkheid bij de CLR.
Nadat de klacht over een technische fout of materiële vergissing is behandeld door de ombudsdienst inschrijvingen kan een klacht ingediend worden bij de CLR.
De behandeling van de uitzonderlijke situatie, zoals bepaald in artikel 3 kan geen voorwerp uitmaken van een klacht bij de CLR.
De behandeling van een klacht of vraag bij de ombudsdienst inschrijvingen schort de termijn op voor de indiening van een klacht bij de CLR.
Artikel 8 - Inwerkingtreding
Dit reglement van orde met betrekking tot de Ombudsdienst Inschrijvingen (ODI) gaat in voor de aanmeldingsprocedure voor het schooljaar 2023-2024 en volgende.
Sinds 11 oktober 2021 is de functionerings- en evaluatiecyclus gewijzigd. Vanaf 1 september 2021 stopt de verplichting om ieder personeelslid minstens vierjaarlijks te evalueren. De evaluatiegesprekken worden nog enkel voorbehouden voor de personeelsleden bij wie ernstige tekortkomingen worden vastgesteld die aanleiding geven tot het vastleggen van persoons- en ontwikkelingsgerichte doelstellingen in het verslag van een formeel functioneringsgesprek. Voor hen wordt ook een verplicht begeleidingstraject van minstens 120 dagen voorzien na de overhandiging van het verslag van het eerste formele functioneringsgesprek met daarin de persoons- en ontwikkelingsgerichte doelstellingen.
Met alle andere personeelsleden moet enkel nog op regelmatige basis een (informeel) functioneringsgesprek gehouden worden. Personeelsleden krijgen ook het recht om zelf een functioneringsgesprek aan te vragen wanneer zij daar nood aan hebben.
De eerste evaluator behoort steeds tot een instelling van dezelfde inrichtende macht als het betrokken personeelslid.
Er moet steeds een 'hiërarchische rangorde' zijn tussen eerste evaluator en betrokken personeelslid.
De tweede evaluator moet minstens van eenzelfde 'hiërarchische' rang zijn als de eerste evaluator of is een lid van de inrichtende macht.
De eerste evaluator is verantwoordelijk voor het geheel van je evaluatieproces: geïndividualiseerde functiebeschrijving, functioneringsgesprek, coaching, en eventueel een evaluatiegesprek en -verslag.
De tweede evaluator bewaakt de kwaliteit van je evaluatieproces en ondersteunt daarbij de eerste evaluator, maar kan nooit de plaats van deze laatste innemen.
De functiebeschrijvingen dienen niet meer goedgekeurd te worden door de gemeenteraad maar door de algemeen directeur van de gemeente.
Omwille van de wijziging van functionerings- en evaluatiecyclus en de wijziging van het organogram waarin het afdelingshoofd Mens als leidinggevende van de directeur is opgenomen, dient de gemeenteraad het evaluatiereglement goed te keuren. Het is een meerwaarde om bij de evaluatieprocedure van de directeur de methodiek van de 360° evaluatie als input te gebruiken voor de eigenlijke evaluatie.
Gelet op het aantal leerkrachten in het GITO en om de directeur te ontlasten, wordt voorgesteld dat de technisch adviseur coördinator wordt aangeduid als eerste evaluator voor alle wervingsambten gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde personeelsleden met opdrachten van praktijkvakken en technische vakken en de directeur voor de andere personeelsleden en personeelsleden die gecombineerd praktijk en/of technische vakken met algemene vakken en/of kunstvakken geven.
Geen.
Enig artikel
De gemeenteraad keurt de algemene afspraken evaluatie (evaluatiereglement) gesubsidieerd personeel en niet-gesubsidieerd personeel onderwijs voor het GITO Overijse, goed als volgt:
Artikel 1
§1. De technisch adviseur coördinator wordt aangeduid als eerste evaluator en de directeur als tweede evaluator voor alle wervingsambten gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde personeelsleden met opdrachten van praktijk en/of technische vakken.
§2. De directeur wordt aangeduid als eerste evaluator en het afdelingshoofd Mens als tweede evaluator voor alle andere gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde personeelsleden in wervingsambten, selectieambten of bevorderingsambten.
§3. De directeur wordt aangeduid als eerste evaluator en het afdelingshoofd Mens als tweede evaluator voor alle wervingsambten gesubsidieerde en niet-gesubsidieerde personeelsleden met gecombineerde opdrachten van praktijk en/of technische vakken met algemene en/of kunstvakken.
§4. Het afdelingshoofd Mens wordt aangeduid als de evaluator van de directeur. Bij de evaluatieprocedure van de directeur wordt de methodiek van de 360° evaluatie als input gebruikt voor de eigenlijke evaluatie.
Artikel 2
De tweede evaluator bewaakt het proces en de kwaliteit en waakt over de objectiviteit en de eenvormigheid van de evaluaties over de personeelsleden heen.
Artikel 3
Voor de evaluatoren wordt in het kader van het voeren van functionerings- en evaluatiegesprekken een opleiding voorzien zodat de evaluator voldoende competent is om met kennis van zaken en op een objectieve evenwichtige manier een oordeel uit te spreken over het presteren van het personeelslid.
Artikel 4
§1. De eerste evaluator nodigt het personeelslid schriftelijk uit voor een eerste formeel functioneringsgesprek. Hij kondigt dit minimaal 5 werkdagen op voorhand aan.
§2. Het personeelslid kan schriftelijk een functioneringsgesprek vragen. Het gesprek vindt plaats binnen een redelijke termijn na de vraag. De datum van het gesprek wordt bepaald door de eerste evaluator.
§3. Van het eerste formeel functioneringsgesprek wordt door de eerste evaluator een verslag opgemaakt. In dit verslag worden de persoons- en ontwikkelingsgerichte doelstellingen opgenomen. Dit verslag wordt ondertekend door de eerste evaluator en ter ondertekening voor ontvangst aan het personeelslid voorgelegd. Als het personeelslid weigert te ondertekenen, wordt de afsprakennota aangetekend verzonden naar zijn domicilieadres. Het verslag wordt bewaard in het evaluatiedossier dat beheerd wordt door de eerste evaluator.
§4. De eerste evaluator houdt de coachingshistoriek bij.
Artikel 5
§1. De evaluator legt de evaluatie vast in een kwalitatief beschrijvend evaluatieverslag dat het evaluatieresultaat op afdoende wijze onderbouwt. Dit gaat gepaard met een evaluatiegesprek tussen de evaluator en het personeelslid. Het schoolbestuur verwacht van haar medewerkers dat ze creatief, open, betrokken en leerlinggericht, professioneel, resultaatsgericht en altijd in ontwikkeling zijn.
§2. De eerste evaluator bepaalt het tijdstip van het evaluatiegesprek en deelt dit minimaal 5 werkdagen op voorhand schriftelijk mee.
§3. De eerste evaluator stelt het evaluatieverslag op. Na afloop van het evaluatiegesprek wordt het evaluatieverslag door de evaluator gedateerd en ondertekend en ontvangt het personeelslid het evaluatieverslag. Het personeelslid kan in het evaluatieverslag opmerkingen bij zijn evaluatie formuleren. Het personeelslid bezorgt het ondertekende evaluatieverslag terug aan zijn evaluator binnen tien werkdagen na ontvangst van het evaluatieverslag. De evaluator tekent voor ontvangst en kennisneming en bezorgt een kopie van het definitieve evaluatieverslag aan het personeelslid. Het evaluatieverslag wordt aan het evaluatiedossier van het personeelslid toegevoegd. Dit verslag wordt bewaard in het evaluatiedossier. Indien het personeelslid weigert om het evaluatieverslag te ondertekenen, wordt dit aangetekend verzonden naar zijn domicilieadres.
Artikel 6
De eerste evaluator zorgt voor de informatiedoorstroming naar het schoolbestuur en naar de tweede evaluator.
Het huidige arbeidsreglement van het GITO-Overijse dateert van 2016 en is aan actualisatie toe.
Het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap (OVSG) heeft naar aanleiding van veranderende wetgeving een nieuw model arbeidsreglement opgemaakt voor het basisonderwijs en het deeltijds kunstonderwijs. In het model werd er enerzijds die zaken vermeld die volgens de wet verplicht in een arbeidsreglement moeten worden opgenomen, en anderzijds werd dit uitgebreid met bepalingen die best worden opgenomen in een arbeidsreglement van een secundaire school, rekening houdende met de wetgeving van toepassing.
Het arbeidsreglement werd voorgelegd aan het Afzonderlijk Bijzonder Comité (ABC). Op 2 februari 2023 ondertekenden de leden van het ABC een protocol van akkoord.
Het behoort tot de bevoegdheid van de gemeenteraad om het voorliggend arbeidsreglement goed te keuren.
Geen.
Artikel 1
Het bestaande arbeidsreglement van het GITO-Overijse, goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad van 19 april 2016, wordt opgeheven.
Artikel 2
De gemeenteraad keurt het als bijlage gevoegde arbeidsreglement van het GITO-Overijse goed.
Op 16 maart 2023 ontving het gemeentebestuur een e-mail van gemeenteraadslid Alan Pauwels namens CD&V met volgend aanvullend agendapunt:
'We lazen recent in de media dat minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke in de Commissie Gezondheid zou gezegd hebben dat patiënten uit de Vlaamse Rand voortaan expliciet kunnen vragen (onder bepaalde voorwaarden) om met de 112-ziekenwagen naar een Nederlandstalig ziekenhuis te worden gebracht.
Tevens wordt gezegd dat de minister gouverneur Spooren van Vlaams-Brabant en de burgemeesters van de betrokken gemeenten zou vragen om de regeling bij hun inwoners bekend te maken.
Behoudens onze vergissing mochten de inwoners van Overijse tot op heden hier echter geen communicatie over ontvangen.
Vandaar, gelet op het niet te onderschatten belang en impact voor onze inwoners, onze vraag of de informatie klopt en of er al een officiële communicatie vanuit het kabinet gebeurd is ten aanzien van de burgemeester en/of de provinciegouverneur.'
Gemeenteraadslid Alan Pauwels voegt ter zitting toe:
'Ondertussen heb ik heel wat communicatie zien voorbijkomen, dus mijn vraag vervalt grotendeels.'
Burgemeester Inge Lenseclaes wenst nog iets toe te voegen:
'Ik vind dit toch een beetje een historisch moment. Ik geef dan ook graag een woordje uitleg.
In december ben ik, in mijn hoedanigheid van voorzitter van de Hulpverleningszone Oost, bij de gouverneur uitgenodigd om hierover te praten, samen met de voorzitter van de Hulpverleningszone West. De gouverneur heeft expliciet gevraagd om niet te communiceren.
Op 16 februari 2023 heeft de gouverneur via brief alle burgemeesters uitgenodigd voor een samenkomst op 17 maart 2023 met de expliciete vraag om niet te communiceren. De eerste communicatie van de gemeente was een klein beetje ongelukkig omwille van een verwarrend plannetje, maar dit was slechts een simulatie. Als het dichtstbijzijnde ziekenhuis op minder dan 12 minuten rijden is, kan je vragen om naar daar vervoerd te worden. Van aan de kerktoren van Maleizen en Jezus-Eik, zou dit kunnen Vilvoorde zijn. Voor alle andere plekken kan dit dus Leuven zijn.'
Enig artikel
Het aanvullend agendapunt wordt besproken.
Op 16 maart 2023 ontving het gemeentebestuur een e-mail van gemeenteraadslid Danny De Kock namens CD&V met volgend aanvullend agendapunt:
'Op de gemeenteraad van 28/2/2023 werd na onze vraag ivm de watertemperatuur van de douches aangekondigd dat hier een analyse voor werd voorzien om de temperatuur aan te passen. Wat is het resultaat hiervan ?'
Burgemeester Inge Lenseclaes antwoordt:
'Ik kan hier nu nog niet op antwoorden, maar ik wil dit gerust doen op de volgende gemeenteraad.'
Enig artikel
Het aanvullend agendapunt wordt besproken.
Op 16 maart 2023 ontving het gemeentebestuur een e-mail van gemeenteraadslid Danny De Kock namens CD&V met volgend aanvullend agendapunt:
'Op de gemeenteraad van 24 januari 2023 werd een addendum aan de samenwerkingsovereenkomst voor het publiek-private project Solheide door de meerderheid goedgekeurd. Daardoor werden de kosten ten laste van de gemeente sterk verhoogd.
Dit project moest een sociaal karakter hebben en betaalbaar zijn voor gezinnen uit eigen streek. Maar wat stellen we nu vast : de projectontwikkelaar heeft op 15/2/2023 een voorstel ingediend voor een prijsaanpassing van gemiddeld 18% en het college van burgemeester en schepenen heeft hier op 28/2/2023 gewoon zonder commentaar kennis van genomen.
Ik voeg hier in bijlage de nieuwe prijslijst toe.
Ter illustratie van de verschillen tov de oorspronkelijke prijzen waarop de kandidaat-kopers hadden ingeschreven in 2022, vraag ik om bij dit agendapunt de oorspronkelijke prijslijst toe te voegen die voorlag op het college van burgemeester en schepenen van 21/12/2021.
Als je de 2 prijslijsten bekijkt kan je enkel concluderen dat we intussen ver zijn afgeweken van het oorspronkelijk sociaal doel en dat de projectontwikkelaar hier op een paar maanden tijd zowel van de gemeente als van de kandidaat-kopers extra middelen ontvangt voor de realisatie van dit project.
Waarom werden bij deze nieuwe prijslijst geen opmerkingen gemaakt ?
Hoe was de reactie van de kandidaat-kopers op deze nieuwe prijslijst ?'
Schepen Jan De Broyer antwoordt:
'Wat de reactie van de kopers betreft: ik heb weet van 2 reacties, in de zin van vragen over de prijs. Bij de dienst zelf is er één reactie binnengelopen van dezelfde persoon.
In het kader van de Publiek-Private Samenwerking (PPS) werd in het verleden een overeenkomst afgesloten tussen de private partner (B&R development) en de gemeente. In deze samenwerkingsovereenkomst wordt bepaald dat de gemeente in eerste instantie de kans krijgt om voor de 16 woningen zelf kandidaten aan te dragen die voldoen aan de door het gemeentebestuur opgelegde criteria maar dat het de private partner is die de uiteindelijke prijszetting van de woningen (marktprijs) bepaalt. Hij draagt immers het risico van het al dan niet verkopen van de woningen. Daarbij bestaat voor de private partij de verplichting om 25% van de woningen (= 4 woningen) aan 20% onder de marktprijs te verkopen. Het is echter aan de private partner om te kiezen welke woningen dat zijn. Na een openbare oproep heeft de gemeente voormelde lijst met kandidaten afgeleverd. Hiermee werd de contractueel vastgestelde operationele taak van de gemeente volbracht.
De prijszetting gebeurt dus op basis van de marktprijzen. De ontwikkelaar zal zijn woningen nooit boven de marktprijzen aanbieden omdat dan de verkoopbaarheid en dus ook het beetje rendabiliteit van het project dat, omwille van zowel de energiecrisis als de materialencrisis nog rest, in het gedrang komt. In dit geval is de marktprijs gebaseerd op de schatting van 2 vastgoedkantoren uit de streek.
Als we de gestelde prijzen (kennisneming op het college van burgemeester en schepenen van 28 februari 2023) vergelijken met andere volledig private projecten uit de regio, dan kan gesteld worden dat deze prijzen nog steeds competitief zijn. De 20% korting werd door de private partner toegepast op de constructieprijs van de woningen. In die zin zijn de woningen in basis wel degelijk goedkoper en betaalbaarder.
Ten opzichte van de start van het project werd er een tijdelijke btw-regeling in het leven geroepen door de federale overheid (die bij de opmaak van de samenwerking dus niet bestond). Doordat we op de site een loods hadden die moest worden afgebroken, kon deze btw-regeling (die voorlopig slechts tot eind 2023 geldt) worden toegepast. Evenwel niet op alle woningen omdat de loods op een bepaald kadastraal perceel stond en 4 woningen eigenlijk op een ander kadastraal perceel (waarop geen gebouw werd afgebroken).
De private partner maakt nu de keuze om de 4 betaalbare woningen aan te duiden als de 4 woningen waarop deze btw-regeling niet kan worden toegepast.
De commerciële logica hierachter is dat op die wijze de duurdere woningen ook interessanter worden in vergelijking met de rest van de markt en dus vlotter verkoopbaar. Vanuit het perspectief van het totale woonproject op Solheide is dat ook interessant want op die manier kunnen er niet 4, maar wel meerdere woningen iets betaalbaarder op de markt worden gebracht (in vergelijking met andere projecten op de markt waar dit btw-tarief dus niet kan worden toegepast).
Vanuit het perspectief van het aanbieden van betaalbare woningen kan geargumenteerd worden dat het een gemiste kans is om deze 4 woningen juist nog betaalbaarder te maken voor de kandidaat-kopers. Het komt echter contractueel toe aan de private partij om deze keuze te maken.
Wat het sociaal aspect betreft: het beginsel van dit hele project ligt in het Ruimtelijk Uitvoeringsplan.
Op de site – niet in dit project - worden 16 sociale woningen gebouwd. Tijdens de onderhandelingen werd decretaal bepaald dat het niet meer mogelijk was als 1 pakket (PPS/sociale woningen).
Ik deel de bezorgdheid dat het niet evident is om in de Vlaamse Rand interessant te gaan bouwen of kopen. Dit verandert niets aan het feit dat dit een regelmatig project is.
Wat uw inleiding betreft: er was een offerte en op vraag van de gemeente werden hier nog zaken aan toegevoegd. Dit moet je uiteraard ook betalen.
Er werd ook een prijsstijging toegestaan omwille van de spectaculair gestegen prijzen in de bouwsector.'
Enig artikel
Het aanvullend agendapunt wordt besproken.
Op 16 maart 2023 ontving het gemeentebestuur een e-mail van gemeenteraadslid Pierre-Emmanuel Dumont de Chassart met volgend aanvullend agendapunt:
'In de notulen van het CBS van 7 Maart 2023 wordt er een planning gegeven van de verschillende dagen en plaatsen waar de diensten van de gemeente zijn gaan praten met kinderen. Op 23 Februari gingen de diensten blijkbaar bij Spocje op stap.
Mijn kinderen waren aanwezig bij Spocje tijdens de krokusvakantie. Op geen enkel moment werden wij als ouders, van kinderen tussen 3 jaar en 6 jaar, ingelicht dat er iets specifieks zou gebeuren met onze kinderen in het kader van KLAP.
Graag antwoord op de volgende vragen :
Schepen Leo Van den Wijngaert antwoordt:
'Tijdens de krokusvakantie is er uiteindelijk voor gekozen om ons te concentreren op de kleuters op het IBO. We zijn dus niet langsgegaan op Spocje hoewel dat wel gepland was, en daarom werden de ouders niet ingelicht. Normaliter gaat er via het opvanginitiatief of via de school een communicatie uit op basis van informatie die wij aanleveren.
Wat er concreet plaatsvond tijdens de bevraging van de kleuters was een activiteit om te polsen wie de vertrouwenspersonen van de kinderen zijn. Er werd een boekje voorgelezen over het kleurenmonster waarin alle gevoelens aan bod komen aan de hand van een kleur. Vervolgens mochten de kinderen een kleurplaat inkleuren en ging de pedagogisch ondersteuner van het IBO met hen in gesprek over naar wie ze toe gaan wanneer ze boos, triest, blij of bang zijn. Alle uitspraken van de kinderen werden genoteerd in een verslag en dit verslag wordt anoniem verwerkt in het onderzoek.
Wanneer we met Klap langskomen op een school of een vakantiewerking wordt dat ofwel op voorhand aangekondigd, ofwel achteraf teruggekoppeld. Er wordt geen toestemming gevraagd aan de ouders omdat de kinderen vrij zijn om al dan niet deel te nemen, er wordt ook niet bewust gevist naar gevoelige informatie en de kinderen mogen zo veel of zo weinig vertellen als ze zelf willen. In de universele rechten van het kind staat bovendien dat het een fundamenteel recht is van kinderen om vrij hun mening te geven en dat hiernaar geluisterd wordt.'
Enig artikel
Het aanvullend agendapunt wordt besproken.
Op 16 maart 2023 ontving het gemeentebestuur een e-mail van gemeenteraadslid Pierre-Emmanuel Dumont de Chassart met volgend aanvullend agendapunt:
'Enkele maanden geleden werd er een beroep ingediend door meerdere omwonenden tegen het project waarbij een appartementsblok + 11 huizen in de Witherendreef zouden worden gebouwd. De hoorzitting vond plaats op 2 maart 2023 en de gemeente was daarbij uitgenodigd.
Graag antwoord op de volgende vragen :
Schepen Jan De Broyer antwoordt:
'Bij privatieve dossiers in beroep wordt er door het college van burgemeester en schepenen nooit aangesloten bij de hoorzitting. Het advies van het college van burgemeester en schepenen is gekend en de deputatie neemt deze mee in de beoordeling. Er is tot op heden 17 maart 2023 nog geen uitspraak van deputatie ontvangen.
Ik hoor u spreken over een 'megaproject', maar wil nog even toevoegen dat er ook grondgebonden eengezinswoningen zijn en extra buitenruimte.'
Enig artikel
Het aanvullend agendapunt wordt besproken.
Vervolgens verklaart de voorzitter de vergadering voor gesloten.
Namens de gemeenteraad